Kanjerschool

Ieder kind verdient het om zich veilig, gerespecteerd en competent te voelen. Om te zorgen voor een veilig schoolklimaat werken we met de Kanjertraining. De kinderen leren hoe ze met elkaar om horen te gaan, maar ook om verantwoordelijkheid te nemen voor genomen keuzes en gedragingen.

Kanjerregels

Als officiële Kanjerschool hanteren we consequent de volgende 5 basisregels die in alle ruimtes zijn terug te vinden. Door continu te refereren aan deze regels, actief te werken aan een open en positieve sfeer en gebruik te maken van een uniform taalgebruik, zoals de gekleurde petten, heerst er een prettig en veilig klimaat in onze school.

  1.     Wij vertrouwen elkaar
  2.     Wij helpen elkaar
  3.     Niemand speelt de baas
  4.     Niemand lacht uit
  5.     Niemand blijft zielig

Kanjerlessen

Elke week staat de Kanjertraining op het programma. Nog belangrijker is dat de Kanjertraining terugkomt in de dagelijkse situaties. Wij oefenen met onze leerlingen hoe zij respectvol met elkaar om moeten gaan. Wij leren de kinderen om te accepteren dat iedereen anders is en dat ook mag zijn.

 

Kanjertypes

In de kanjerlessen maken wij gebruik van vier types die elk op hun eigen manier reageren.

            

De aap (rode pet)

De aap denkt niet goed na over zichzelf, maar ook niet over de ander. Kernwoorden die bij de aap passen zijn: grapjas, uitslover, aansteller en meeloper.

                                                                                               
 

Het konijn (gele pet)

Het konijn denkt niet goed na over zichzelf, maar wel over de ander. Kernwoorden die bij het konijn passen zijn: bang, vermijdend, stil en faalangstig.

 

De vogel (zwarte pet)

De vogel is bezig met zichzelf, maar niet met de ander. Kernwoorden die bij de vogel passen zijn: uitdager, bazig en pester.

 

De tijger (witte pet)

De tijger denkt goed na over zichzelf en over de ander. Kernwoorden die bij de tijger passen zijn: zichzelf, normaal, te vertrouwen en aanspreekbaar op gedrag.